De gemeente Ede past haar aanpak rond stroken gemeentegrond aan de Leeuweriklaan aan. Na vragen van bewoners zijn het huuraanbod en de aangekondigde ontruiming voorlopig van de baan. De gemeente gaat nu eerst onderzoeken welke gronden zij daadwerkelijk nodig heeft.
Enkele weken geleden ontvingen bewoners van de Leeuweriklaan een brief waarin de gemeente stelde dat delen van hun voortuin gemeentegrond zijn. Bewoners kregen de keuze: een huurovereenkomst afsluiten of de strook grond ontruimen.
De brief zorgde voor onrust en riep vragen op. Bewoners verenigden zich in een WhatsApp-groep en zochten contact met de gemeente. Ook de Edese Vos stelde vragen over de gekozen aanpak.
Eerst een brief, dan pas onderzoek
De reacties van bewoners waren voor de gemeente aanleiding om de aanpak te herzien. In een tweede brief trekt zij het eerdere huuraanbod voorlopig in. In afwachting van dat onderzoek gedoogt de gemeente het huidige gebruik tijdelijk. De gemeente gaat nu alsnog eerst onderzoeken welke gronden nodig zijn voor toekomstige ontwikkelingen of gemeentelijke taken.
Op de vraag waarom dit onderzoek niet vóór de eerste brief is uitgevoerd, antwoordt de gemeente: “De reacties van bewoners hebben ons doen inzien dat de nu gekozen route beter is.”
Geen nieuwe aanpak voor hele gemeente
Voor de bewoners aan de Leeuweriklaan betekent dit dat zij voorlopig niets hoeven te doen. Pas na het aanvullende onderzoek wordt per situatie bekeken welke vervolgstappen passend zijn.
De aangepaste werkwijze geldt niet automatisch voor de andere adressen die onderdeel zijn van de gemeentebrede inventarisatie. Volgens de gemeente wordt elke locatie afzonderlijk beoordeeld en is er geen sprake van één standaardaanpak.
Juridische vragen blijven open
Over de juridische gevolgen van de tijdelijke gedoogsituatie of een eventueel beroep op verjaring wil de gemeente geen algemene uitspraken doen. Wel benadrukt zij dat het eigendom ongewijzigd blijft.
Een vergelijking met een besluit uit 2019 in Harskamp – waar de gemeente vergelijkbare stroken grond voor een symbolisch bedrag verkocht om langdurige procedures te voorkomen – maakt het college niet. Volgens de gemeente ging het om een afzonderlijke situatie.
Bewoners geven daarnaast aan dat zij inhoudelijk nog wachten op antwoord op hun individuele vragen. Ook hebben zij nog geen inzage gekregen in de bruikleenovereenkomst waarnaar de gemeente eerder verwees. Voorlopig hoeven zij echter niets te doen. Het aanvullende onderzoek moet uitwijzen welke stukken grond de gemeente uiteindelijk daadwerkelijk nodig heeft.






Dus als ik dit artikel en het vorige artikel goed begrijp, heeft Gemeente Ede ooit (tientallen jaren geleden) bruikleenovereenkomsten getekend met toenmalige bewoners. Iets van: ‘Hier u mag zich een stukje van de stoep in dagelijks gebruik tijdelijk ‘toe-eigenen’ in bruikleen, zet er gerust je hek omheen en maak ten koste van een strookje stoep uw voortuin langer’? Wat een rare start van de situatie en ook raar dat dit niet is overgenomen bij de verkoop van de woning, in een nieuwe bruikleenovereenkomst.
Waarom geeft de gemeente eerst dat strookje in bruikleen om het nu weer op te eisen/huur te vragen? Waar hebben ze dat voor nodig dan en waarom hebben ze het destijds weggedaan in bruikleen? Was het bruikleen voorheen gratis? Wie is er verantwoordelijk voor het feit dat dit niet is overgenomen met nieuwe bruikleenovereenkomst bij wisseling van eigenaar van de woning(en)?
De gemeente is niet ‘in control’. Dit onderdeel komt aan de oppervlakte, toch zijn er voorbeelden die de media niet halen. Waarom is het zo’n rommeltje in het gemeentehuis?
Waaarschijnlijk omdat de overeenkomst op naam stond en dus niet overgaat bij verkoop / nieuwe bewoners. Voordeel van ‘op naam’ is dat die overeenkomst automatisch stopt bij een nieuwe bewoner. Nadeel is dat het daardoor bij een nieuwe bewoner vaak niet bekend is. Dat gezegd: bij verkoop koop je altijd een perceel en is dit bepalend. En dan kan een gemeente (of andere eigenaar van het perceel) dus zeggen: dat stukje is van mij en ik wil het terug. “Ik heb het toch zo gekocht, gaat simpelweg niet op.”
Dat kan dan nog een extra dimensie krijgen en ook onhaalbaar of complex, want wellicht is het ooit verkocht door een makelaar en verkopende partij die het als geheel te koop hebben gezet ‘huis met voortuin en achtertuin xxx vierkante meter’. Naast dat het wellicht gewoon verkeerd door de makelaar is opgemeten en is overgenomen, is die constructie en eigendom van gemeente een essentieel stukje info dat de koper had moeten weten. Lijkt me super lastig om zoveel jaar later daar eventueel nog een zaak over te beginnen bij de makelaar of de verkoper. Verjaart dat? Is dat hier van toepassing? Irritant en nadelig voor de huidige bewoners!
@Anon: Ja, het verjaart na x jaar (20?) áls het al die tijd als eigen tuin in gebruik geweest is én de gemeente er geen aanschrijving of melding van heeft gemaakt. Bij koop koop je een perceel, met een oppervlakte die in het kadaster ingeschreven staat. Een makelaar die zegt ‘deze hele voortuin hoort erbij’ is letterlijk niks waard. Gemeenten hebben grond voor bovengrondse én ondergrondse infra (kabels/leidingen) en als die vernieuwd/vervangen moet worden en het ligt net onder zo’n ‘in gebruik’ stukje, kan dat behoorlijk onhandig zijn. Ook bij aanpassen van het straatprofiel (stoep geschikt gemaakt voor rolstoel oid) kan dit net het verschil zijn tussen het werk kunnen uitvoeren en klem zitten.
Er schijnen ook vergelijkbare zaken te zijn waar de gemeente niet handhaaft. Daarmee zou iedereen vrij spel hebben en de gemeentegrond kunnen betrekken bij zijn eigen perceel.