Inspraak van inwoners wordt vaak beloofd, maar in de praktijk mondjesmaat uitgevoerd. De Edese Vos analyseert welke partijen de huidige frustraties rondom participatie écht durven aan te pakken, en wie het houdt bij vage beloftes. Krijgt de inwoner daadwerkelijk invloed, of blijft het bij een verplichte enquête?
Deze analyse is gebaseerd op de meetlat van de Edese Vos, een systematische manier om de verkiezingsprogramma’s van politieke partijen inhoudelijk te wegen. De uitkomst is bedoeld als journalistieke duiding en vormt geen stemadvies.
Waarom dit thema?
In Ede schuurt de praktijk van participatie steeds vaker met wat inwoners ervan mogen verwachten. Er zijn processen die blijven steken in eenrichtings-presentaties of oppervlakkige enquêtes, en buurtinitiatieven die muurvast lopen op vooraf gemaakte gemeentelijke keuzes.
De Edese Vos onderzoekt daarom hoe partijen deze trajecten willen verbeteren. Welke knelpunten zien zij telkens terugkeren en waarom pakt participatie nu te vaak uit als ‘vorm’ in plaats van ‘invloed’? We toetsen de programma’s op concrete oplossingen, zodat inwoners op een duidelijke en houdbare manier betrokken raken én blijven bij de ontwikkeling van hun stad of dorp.
Hoe scoren de partijen?

De koploper
GroenLinks-PvdA – 9 De absolute koploper, omdat zij een scherpe lokale analyse combineren met zware democratische instrumenten. Zij benoemen als enige partij expliciet het haperen van de ‘Edese Participatie Aanpak’ (EPA). Volgens de partij gaat het met regelmaat mis in de terugkoppeling over wat er met de inbreng is gedaan. Zij willen de EPA daarom standaard achteraf samen met deelnemers evalueren en bijstellen. Daarnaast stellen ze zware instrumenten voor om de inwoner structureel meer macht te geven, zoals het ‘Right to Challenge’ (het recht om gemeentetaken over te nemen) en een breed Burgerberaad voor taaie dossiers zoals de energietransitie.
De subtop
VVD – 8,5 De VVD levert op dit thema de scherpste probleemanalyse af. Ze benoemen participatie letterlijk als een “bestuurlijk afvinklijstje” en illustreren dit ijzersterk met concrete, vastgelopen Edese projecten (Zeeheldenbuurt, Pieter van Varklaan, Koning Davidschool en de Wethoudersbuurt). Hoewel zij geen zware nieuwe instrumenten zoals een Burgerberaad voorstellen, scoren ze maximaal op verwachtingsmanagement en procesverbetering: één vast aanspreekpunt per traject, veel meer focus op ‘co-creatie’ en een centraal digitaal participatieplatform.
D66 – 8,5 D66 legt de vinger op een belangrijke bestuurlijke zere plek: momenteel heeft slechts de helft van de raadsvoorstellen een (vaak te summiere) participatieparagraaf. D66 eist dat dit verplicht wordt voor élk voorstel, en wil dat er bij grote projecten vooraf budget wordt gereserveerd. Daarnaast zijn ze, verwijzend naar succesvolle voorbeelden elders, groot voorstander van initiatieven zoals ‘Ede Doet’ en een ‘burgerbegroting’ (waarbij inwoners zelf meebeslissen over een deel van het budget). Ook pleiten ze voor een raadgevend referendum.
BurgerBelangen – 8 Een zeer sterke, realistische visie. BurgerBelangen waarschuwt dat participatie zonder duidelijke kaders vooraf leidt tot enorme frustratie. Ze scoren hoog door een kritische en afwijkende noot te kraken over de Edese dorpsraden: hoewel nuttig als klankbord, zien zij dorpsraden nadrukkelijk niét als vervanging voor brede bewonersparticipatie, omdat ze vaak niet representatief zijn. BurgerBelangen pleit daarnaast eveneens voor het raadgevend referendum.
CDA – 7,5 Het CDA toont op papier een grote dosis Edes realisme door ronduit te erkennen dat “niet elke betrokkenheid tot tevredenheid leidt”. De partij pleit voor helder verwachtingsmanagement en stelt letterlijk dat de gemeente actief moet “leren van niet geslaagde inwonerbetrokkenheid”.
Dit is een nobel programmapunt, al staat het in schril contrast met de recente politieke praktijk: toen de Edese Vos vorig jaar een half jaar lang onderzoek deed naar vastgelopen inwonerbetrokkenheid in Ede, werd vanuit het college geen medewerking verleend aan het onderzoek. Na publicatie weigerde de verantwoordelijke CDA-wethouder in gesprek te gaan over de bevindingen en leerpunten.
BBB – 7,5 De BBB scoort goed op het wegnemen van de frustratie van ‘mosterd na de maaltijd’-participatie. Zij eisen dat inwoners betrokken worden “niet pas als alles al is besloten”. Net als de CU willen zij dorps- en wijkraden promoveren tot volwaardige gesprekspartners met échte invloed. Een opvallend en zeer concreet instrument: BBB eist dat ambtenaren minimaal drie maatschappelijke stages per jaar lopen in de gemeente om voeling te houden met de dagelijkse praktijk.
Partij voor de Dieren – 7,5 De PvdD heeft een breed en sterk pakket aan instrumenten: van een geloot Burgerberaad tot wijkreferenda en het uitbreiden van de ‘Ede Doet’-cheques naar drie keer per jaar. Hun motto is sterk (“plannen maken mét inwoners, niet voor inwoners”), maar de analyse over waarom het nu in Ede vaak vastloopt ontbreekt, waardoor de score in vergelijking met de absolute top iets achterblijft.
ChristenUnie – 7,5 De ChristenUnie zoekt nadrukkelijk de balans: ze koesteren de representatieve democratie, maar willen tegelijkertijd het ‘Right to Challenge’ en het overnamerecht voor maatschappelijk vastgoed invoeren. Waar BurgerBelangen kritisch is op dorpsraden, ziet de CU hen juist (met een letterlijk citaat van Dorpsraad Ederveen) als onmisbare en proactieve volwaardige gesprekspartners.
De achterhoede
Forum voor Democratie – 5,5 FVD ageert stevig tegen “schijnparticipatie” en eist dat de raad weer het hart van de besluitvorming wordt in plaats van een doorgeefluik. Ze stellen zware middelen voor zoals een bindend referendum. De score wordt echter gedrukt doordat het programma sterk leunt op landelijke retoriek en elke Edese context op dit dossier ontbreekt.
SGP – 5 De SGP houdt er een meer traditionele bestuursvisie op na. Ze steunen instrumenten als ‘Ede Doet’ en dorpsraden, maar benadrukken sterk dat het de taak van de overheid is om het algemeen belang te dienen, “ook wanneer dat soms in strijd is met individuele belangen.” Van structurele vernieuwing in het participatieproces is geen sprake.
Mens en Milieu Ede (MME) – 4 MME signaleert het probleem scherp: “Participatie is meer dan informeren of informatie ophalen. Een mislukte participatie schaadt het vertrouwen.” Echter, de partij verbindt hier in het programma geen enkel concreet instrument, beleidsvoornemen of oplossing aan.
Onderaan de ladder
DPE (3), SP (2) en GemeenteBelangen (1,5) Deze drie partijen laten het thema nagenoeg liggen. DPE stelt kort dat de gemeente moet luisteren en belangengroepen bij bouwplannen moet betrekken om procedures voor te zijn. De SP beperkt zich tot één abstracte kreet: “Bewonersparticipatie serieus nemen”. Ook GemeenteBelangen komt, ondanks hun bewering dat “inwoners ons vertellen wat goed is”, met geen enkel inhoudelijk voorstel om het zwaar bekritiseerde Edese participatieproces te repareren.
Wat valt op?
Het is zeldzaam dat de Edese politiek het zó met elkaar eens is over een probleem: de huidige manier van inwonerparticipatie in Ede wekt te vaak frustratie op. De term “schijnparticipatie” of “afvinklijstje” valt bij partijen over de hele breedte van het spectrum.
Toch is er een fundamenteel verschil in de oplossingsrichting. Progressieve partijen (zoals GL-PvdA, PvdD en D66) zoeken de oplossing in het optuigen van zware, nieuwe democratische instrumenten: ze willen burgerberaden, ‘Right to Challenge’ en referenda om de inwoner structureel meer macht te geven.
Rechtse en lokale partijen (zoals VVD, CDA en BurgerBelangen) zoeken de oplossing juist veel meer in het strakker managen van het huidige proces. Zij hameren op duidelijk verwachtingsmanagement: wees vooraf eerlijk dat inspraak geen vetorecht is. Daarnaast ontstaat er een interessante scheidslijn rondom de dorpsraden: waar CU en BBB de dorpsraden juist véél meer invloed willen geven, plaatst BurgerBelangen daar een kritische kanttekening bij, omdat dorpsraden lang niet altijd representatief zijn voor alle inwoners.
Dit artikel maakt deel uit van ons dossier ‘Democratie onder druk in Ede – over burgerinvloed, bestuurscultuur en transparantie’, onderzoek dat mede mogelijk is gemaakt door het Fonds BJP.







Met de gemeente Ede wil ik/ wij graag samenwerken op gebied van participatie. Dit in het kader van een (landelijk) project dat we bezig te zijn op te zetten; Huis van Actief Burgerschap. https://huisvanactiefburgerschap.nl
Het initiatief stimuleert burgers om actief bij te dragen aan hun gemeenschap. We zien in heel Nederland veel burgerinitiatieven ontstaan en van invloed zijn op participatie. Dit is hét moment om samen te ontdekken hoe wij gezamenlijk het verschil kunnen maken voor onze stad.
De paradox van de participatie
De gemeenten beschikken nu één jaar over een participatieverordening. Op papier is dit een stap vooruit; het formaliseert de wens om inwoners te betrekken bij het beleid.
Echter, de praktijk is weerbarstiger. We moeten de moed hebben om kritisch naar deze terminologie en houding te kijken.
Hoewel de verordening met de beste intenties is geschreven, stellen wij voor dat we een radicale stap zetten: we moeten stoppen met het woord ‘participatie’.
Uit onderzoek blijkt dat slechts weinig van de inwoners zich daadwerkelijk gehoord voelt tijdens participatieprocessen.
“Het voelt alsof we mogen meedenken, maar niet mee beslissen,”
aldus een Edese burger.
Zolang de overheid spreekt over participatie, houden we onbewust een machtsongelijkheid in stand. Participatie betekent letterlijk: “Jij mag meedoen met mij.” Het impliceert dat de overheid de eigenaar is van het speelveld, de regels bepaalt, de agenda opstelt en vervolgens – vaak laat in het proces – de inwoners genadig uitnodigt om aan te schuiven.
Dit vertrekpunt is niet langer houdbaar in een tijd waarin het vertrouwen in de overheid onder druk staat.
Huis van Actief Burgerschap.
Door het hele land groeit het aantal locaties waar burgers samen het initiatief nemen om hun leefomgeving te versterken; inmiddels zijn er al zo’n 30 Huizen van Actief Burgerschap en de overheid wil graag uitbreiden naar 50 locaties.
Ook in Ede zijn we gestart met een ‘basis-coalitie’ van ongeveer 12 betrokkenen met diverse achtergronden.
We willen samen met gemeente, bedrijfsleven en burgers de plannen verkennen, kennismaken en bespreken hoe ieders inzet en ideeën het initiatief kunnen versterken. Inmiddels heeft Cultura fysieke ruimte toegezegd.
‘Doe het niet vóór de samenleving, maar mét de samenleving’,
schreef Floor Ziegler pas nog in NRC.
Inmiddels heb ik al een eerste, oriënterend en positief gesprek gehad met enkele ambtenaren. Een wethouder was wat terughoudender, dus even 18 maart afwachten.
Ook voor de nieuwe politici geldt de vraag:
Durft Ede mee te bewegen met deze nieuwe aanpak?
Ik begrijp dat er een zorgvuldige afweging nodig. Wij willen graag op basis van gelijkwaardigheid samen met burgers, gemeente Ede en bedrijfsleven dit opstarten. Enkele raadsleden hebben zich al aangemeld.
Indien gewenst, wij lichten het project graag verder toe.
Benieuwd naar je reactie.
Met vriendelijke groet,
Namens alle leden van de coalitie,
Daan Overeem
06 5110 3293
daan@
Leden voorlopige coalitie HvAB:
Jan Durk Tuinier Pro Peace Projects
Jan Bansema Vz. Cultuur Forum
Hedzerd de Boer Cultura
Hilda Weeges Eetbaar Ede
Ria Maliepaard Sociale zaak
Lisan Verboom Malkander
Marilu Kessel Humanitas
Monique Emmen Raadslid
Hanneke van Laar Cultuurmakelaar
Arjan van Bruggen Fotograaf
Johan Weijland Oud wethouder
Roelf Jager Lions
Jacqueline Kronenburg
Kenniscentrum Sport/Raadslid
Ben een beginner wb gemeente politiek. Wat mijn belangrijkste vraag is als het om burgerparticipatie gaat: hoe vaak, procentueel, heeft participatie van bewoners zijn doel bereikt? Hoe vaak heeft de gemeente zijn plan aangepast, dan wel verworpen, nadat bewoners een goed onderbouwd tegenargument te berde brachten? Wanneer dit nihil tot zeer laag was, hebben mooie woorden van partijen geen enkele zin en zijn deze nutteloos.
In ieder geval 1 keer de afgelopen paar jaar (Wethoudersbuurt). Met dank aan de eerste 3 bovengenoemde partijen en MME.