Een ervaren milieuadviseur bij een grondverzetbedrijf ziet van dichtbij hoe het misgaat met ons bodembeleid: rapporten zijn vaak onvolledig, toezicht faalt, en niemand wil echt verantwoordelijkheid nemen.
Aanleiding is het onderzoek van de Edese Vos naar de toegepaste grond in natuurontwikkelingsgebied de Braamhorst. Eerder deed een ambtenaar al een ontluisterend boekje open; deze keer spreken we een milieuadviseur bij een grondverzetbedrijf.
Overheden schuiven verantwoordelijkheden liever door, vertelt hij. Ingehuurde krachten schrijven hun uren en zijn weer weg. En wie wél kritisch is, wordt ontmoedigd of onder druk gezet door grote spelers. “Ze hopen gewoon dat je het opgeeft.”
Om onze bron te beschermen en politieke gevoeligheden te vermijden, kiest de Edese Vos ervoor om dit gesprek anoniem weer te geven.
Hoe het bij de Braamhorst ging
Je hebt de rapportage gezien die de gemeente Ede naar de provincie heeft gestuurd. Wat valt je daarin op?
“Veel rapporten zijn gewoon niet compleet. In dit geval misten er drie bijlagen, waaronder een partijkeuring van de derde partij grond, én de melding van toepassing. Dan kun je niet controleren of wat ze zeggen ook klopt. Het wordt dan een soort papieren werkelijkheid.”
Doet men dat bewust?
“Dat weet je nooit zeker, maar als het rapport op orde is, laat je het gewoon zien. Als er stukken ontbreken, denk ik: of het is slordigheid, of ze willen niet dat je het ziet. Dat zie ik vaker. Soms klopt het gewoon niet.”
Gerommel in het grondverzet
Wat merk je in de dagelijkse praktijk van grondverzet* van het systeem?
“Er zijn enorme verschillen. Ons bedrijf moet alles keurig melden, met certificaten en ondertekende verklaringen. Daar betaal je audits voor, ben je weken mee bezig. En dan zie je dat gemeentes of andere aannemers het gewoon zelf doen, zonder meldingen, zonder controle. Die zijn goedkoper – en krijgen dus de klus.”
* Grondverzet is de verzamelnaam voor alle werkzaamheden waarbij grond, zand of aarde wordt verplaatst, aangevoerd of afgevoerd. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij het uitgraven of ophogen van een terrein om het geschikt te maken voor de aanleg van infrastructuur, de bouw van een weg, een gebouw of andere constructies.
Hoe kan dat gebeuren?
“Er is nauwelijks toezicht. De pakkans is nul. Je hoort: ‘als je meldt moet je wachten, dus melden we het maar niet.’ Of ze gooien gewoon iets op een hoop, zonder te weten wat het is. Niemand die het checkt. En het gebeurt op grote schaal.”
Wat gebeurt er als het misgaat?
“Dan wil niemand verantwoordelijk zijn. Niemand wil z’n handtekening zetten onder een milieuverklaring – want dan ben jij aansprakelijk. Dus gebeurt het niet of het gaat via de achterdeur. Totdat het fout gaat – en dan is het ineens ieders probleem.”
Werken met dubbele petten
Volgens jou werken adviesbureaus soms met ‘twee petten’. Wat bedoel je daarmee?
“Dan wordt iemand van een adviesbureau bij het bevoegd gezag ingehuurd om een rapport te beoordelen – en dat rapport is dan toevallig van een collega van hetzelfde bureau. Dan zegt niemand dat het niet klopt. Het is gewoon niet zuiver. Maar het gebeurt veel.”
En hoe zit het bij de overheid zelf?
“Bij gemeenten is de kennis vaak wegbezuinigd. Dan huren ze iemand voor een jaar in, die daarna weer vertrekt. Die schrijft zijn uren, doet wat er gezegd wordt, en klaar. Als het misgaat? Dan is het zijn probleem niet meer. Dat is gewoon hoe het werkt.”
‘Een beetje dimmen graag’
Wat merk je van commerciële druk?
“Er zijn partijen die je gewoon bellen als je ergens wat van vindt. Ik ben weleens gebeld door iemand van een groot internationaal baggerbedrijf omdat ik op LinkedIn een kritische post had geplaatst. Of ik ‘normaal’ wilde doen. Dan voel je de druk wel: als jij te lastig bent, raak je de klus kwijt. Mijn eigen werkgever zegt ook weleens: ‘Een beetje dimmen graag, want we lopen werk mis omdat jij je mond opentrekt.’ Maar ja, ik ben gewoon zo. Wat krom is, is krom.”
Daardoor is het voor journalisten ook best lastig om informatie boven tafel te krijgen.
“Als je informatie vraagt, sturen ze je van het kastje naar de muur. De gemeente naar de provincie, de provincie naar het waterschap – en uiteindelijk weet niemand iets. Of je krijgt onder de Woo een rapport dat bijna helemaal zwart is gelakt. Dat is de tactiek: ontmoedigen. Zodat jij ermee stopt. Ze hopen gewoon dat je het opgeeft. En meestal lukt dat ook.”
‘Ik wil gewoon dat het klopt’
Iets wat volgens de regels mag, hoeft nog niet te kloppen. We zien dat nu ook in de onthullingen over de toepassing van staalslakken.
“Er staat op papier dat je iets mag gebruiken – zoals staalslakken – zolang je je aan bepaalde voorwaarden houdt. Maar in de praktijk houdt niemand zich eraan. Er wordt dan gewoon doorheen geboord, wat niet mag, maar dit wordt niet gemeld en toezicht is er niet. Dus ja, het mag volgens de regels. Maar ik zie de gevolgen in de praktijk. En dan denk ik: dit klopt niet.”
Waarom blijf je dit werk doen, als het zo frustrerend is?
“Omdat ik wil dat het klopt. Ik doe dit advieswerk gratis, ook buiten werktijd. Ik help mensen, ik kijk stukken na, gewoon omdat ik vind dat het anders moet. Ik kan de hele wereld niet verbeteren, maar misschien wel een klein stukje. En als iemand zegt: dankzij jou weet ik eindelijk wat er speelt – ja, dan doe ik toch iets goed, denk ik.”






Schrijf een reactie