De Edese Vos stelde wethouder Bram van der Beek zes kritische vragen over de WFC-evaluatie. De antwoorden, die wij hieronder integraal publiceren, geven inzicht in hoe het college met de afwikkeling van dit debacle omgaat.
Hieronder per thema de door de Edese Vos gestelde vraag, het integrale antwoord van de gemeente en de weging van onze redactie.
1. Het gebrek aan extern perspectief
Waarom is er niet gekozen voor een onafhankelijk, extern onderzoek waarbij ook het perspectief van critici en inwoners is meegewogen?
“Het klopt dat er veel intern betrokkenen zijn geïnterviewd, maar de evaluatie was ook bedoeld om het interne proces te evalueren. (…) Daarnaast zijn er mensen van buiten de organisatie geïnterviewd (WUR, provincie, TeKa). Zo is het besproken in de raad en er is niet gevraagd om een onafhankelijk extern onderzoek.”
Het college wijst naar de gemeenteraad: die had immers niet om een onafhankelijk onderzoek gevraagd. Daarmee blijft de vraag liggen hoe de wethouder hier invulling geeft aan zijn eigen actieve informatieplicht. De genoemde ‘externen’ waren bovendien nauwe partners in het project. Van een echt onafhankelijke blik van buitenaf lijkt daarmee geen sprake.
2. Regie op de afhandeling
Waarom kiest het college voor een sturende “informatieve sessie” in plaats van het aan de raad over te laten welk vervolg zij passend vindt?
“Het is ook aan de raad. De infosessie is om het rapport toe te lichten. Daarnaast kan de raad het op elke gewenste manier agenderen.”
Formeel is dit juist, maar door zelf een “informatieve sessie” als afsluiting te programmeren, legt het college de nadruk op een technische afwikkeling in de luwte, in plaats van een politiek debat over de gemaakte fouten.
3. Het verdwenen draagvlak na 2018
Hoe kijkt de wethouder terug op de periode na 2018, waarin het college het project publiekelijk bleef verdedigen terwijl het interne draagvlak al was weggesleten?
“Dit is een persoonlijke reflectie van een van de respondenten. Deze vraag is voor de wethouder lastig te beantwoorden, aangezien hij toen geen onderdeel was van het college.”
Een wethouder voert het woord namens het instituut ‘college’. In het rapport worden onder meer ontwikkelingen in de periode 2018-2023 beschreven; een periode waarin wethouder Leon Meijer en burgemeester René Verhulst deel uitmaakten van het college. Nu Meijer is vertrokken, is Verhulst als burgemeester nog onderdeel van het huidige college. Daarmee ligt de vraag voor hoe het college verantwoording aflegt over deze periode, en in hoeverre de raad toen volledig is geïnformeerd over het wegvallende draagvlak.
4. Lessen versus verantwoording
Waarom is er gekozen voor ‘lessen trekken’ in plaats van ‘verantwoording afleggen’?
“Het rapport was als evaluatie bedoeld, niet als verantwoording. Op die manier kwam het ook niet ter sprake in de raad. Dus de vraag was: wat leren we hieruit?”
Hier wordt de gekozen koers bevestigd: de evaluatie is bedoeld als een interne leerervaring. De vraag wie politiek verantwoordelijk was voor de opeenvolgende fouten, wordt daarmee buiten de orde van de evaluatie geplaatst.
5. De eindrekening: €2,6 miljoen en bijna 20.000 ambtelijke uren
Waarom ontbreekt een harde financiële eindrekening? Is de wethouder bereid deze alsnog te leveren?
“Dit was geen onderdeel van de onderzoeksopzet. Informatie over financiën was onderdeel van de Planning&Control cycli van de gemeente.”
Op de directe vraag van de Edese Vos naar het totale bedrag aan publieke middelen liet de woordvoerder van Van der Beek aanvankelijk weten deze som niet paraat te hebben. Na verder doorvragen heeft de gemeente de cijfers alsnog grotendeels gereconstrueerd.
De gemeente Ede heeft volgens eigen opgave circa €2,635 miljoen aan de WFC Experience uitgegeven: €250.000 aan de prijsvraag in 2012, €1,085 miljoen in de verdere aanloop naar de stichting en €1,299 miljoen subsidie aan de stichting WFC Experience.
Daarnaast zijn over 2013 tot en met 2024 19.922 ambtelijke uren op het project geschreven. De uren over 2012 konden niet meer worden achterhaald. Volgens de gemeente is zeker 60 procent van de geregistreerde uren rechtstreeks aan de Experience toe te rekenen. De kosten van deze uren zitten volgens de gemeente al in de genoemde €2,635 miljoen.
De stichting WFC Experience zelf investeerde in totaal € 9,44 miljoen. Naast de gemeentelijke subsidie kwam de financiering volgens de gemeente uit de Regio Deal en van de provincie.
De gemeente kan dus wel cijfers leveren, maar deze financiële eindbalans maakt opvallend genoeg geen onderdeel uit van de evaluatie.
6. De gewetensvraag
Was het stopzetten van het project uiteindelijk de juiste beslissing, of was de provincie ‘fout’ door de subsidie in te trekken?
“Er lag uiteindelijk een plan dat paste bij Ede, dus in die zin is het jammer dat de provincie op dat moment die beslissing heeft genomen.”
Ook na het mislukken van het project neemt de wethouder geen afstand van het uiteindelijke plan. Volgens hem lag er een plan dat bij Ede paste en was het jammer dat de provincie de subsidie introk. Dat schuurt met de kritische bevindingen uit de eigen evaluatie, onder meer over het gebrek aan steun uit het bedrijfsleven.
Conclusie
De antwoorden laten zien dat het college vooral naar het eigen proces kijkt, terwijl politieke verantwoordelijkheid nauwelijks onderdeel is van de evaluatie. Ook de financiële eindbalans ontbrak: pas na doorvragen door de Edese Vos bracht de gemeente circa €2,6 miljoen aan gemeentelijke uitgaven en bijna 20.000 geregistreerde ambtelijke uren in beeld. De ‘leerevaluatie’ lijkt daarmee vooral gericht op het trekken van interne lessen, zonder dat ook de volledige bestuurlijke en financiële balans wordt opgemaakt.






Kort resumerend, alles is eigenlijk wel helemaal prima verlopen. Niemand is beschadigd of hoeft zich te verantwoorden, iedere betrokkene kan blijven zitten of krijgt een ander baantje. Tja, met gemeenschapsgeld is er veel mogelijk.
Probeer dit maar eens in het bedrijfsleven, de echte wereld!
Uh waar is de jaarrekening van Stichting WFC Experience? Er is nu niks (?) in ieder geval niks in de echte wereld, geen WFC, geen enkele baksteen?
De stichting WFC Experience zelf investeerde in totaal €9,44 miljoen, gefinancierd uit onder meer de gemeentelijke subsidie, de Regio Deal en provinciale bijdragen? En er moet nog 3 miljoen terugbetaald worden? Lijkt me dat er ergens wel een jaarrekening ligt, zeker omdat er publieksgeld in de vorm van subsidie in zit.
In totaal is er dus wel in 1 orde van groote meer geld ‘weg’, 10.000.000 EUR +? Ik snap dat dit specifieke artikel over gemeente Ede ging, maar het echte totaal van geld dat weg is, LOL, daar zou je een bescheiden WFC van kunnen bouwen, in de echte wereld. Dat kan gewoon, een bescheiden leuk gebouw van 10.000.000 EUR.
De overhead/overheid. Verder is de overheid heel nuttig hoor, alleen is dit een ‘rare verdwijntruc’.
Wat een geweldige illustratie bij het artikel, met dat geld dat in een gat verdwijnt, geniaal!
Anon333 heeft het prima verwoord. Er is veel meer geld in de bodemloze put gegaan dan de genoemde 2,6 miljoen. Onder het mom van de “Stichting WFC Experience” is er een enorme bak aan gemeenschapsgeld verkwist, maar doordat er een aparte stichting in het leven is geroepen valt dat buiten de financiele verantwoording. De “stichting” werd geleid door de gemeente Ede.
Dit schandaal wordt nu op deze manier gedecimeerd. Maar ik zou zeggen blijf hier onderzoek op doen. De voornaamste persoon die verantwoording zou moeten afleggen voor deze enorme verkwisting is wethouder Meijer. Die tegen alle tegenspraak in dit geldverslindende experiment heeft voortgezet.
🙂 Dank u.
Ik zelf heb niks tegen specifieke individuen, maar ik vind het wel fascinerend en het hoort gewoon bij verantwoording afleggen aan burgers, om te laten zien waar publieksgeld naartoe ging. Juist ook als dat via meerdere wegen, subsidies en potjes etc gaat. Absurd dat nu nog niet eens openbaar is gemaakt hoeveel er in totaal is uitgegeven en aan wie.
Het is 100% een ‘zero sum principe’ wat wil zeggen dat precies al het geld dat is uitgegeven, een kost is voor de een en inkomsten voor de ander. (Voorbeeld: bij een natuurramp of schade is er bijvoorbeeld waarde die echt verdwijnt en dan kan er alleen aan de wederopbouw en herstel weer verdiend worden, maar hier is er gewoon geld verplaatst dat nu niet meer in handen is van publieksgeldpotjes, maar wel iemand anders zijn of haar inkomsten/omzet is geworden.)
Waarschijnlijk dus 10.000.000 plus EUR (?) naar wat mensen die al bovenmodaal verdienden en waarchijnlijk ook al vermogen hebben en bijvoorbeeld een bouwtekening of een berekening hebben gemaakt of een bestuursfunctie hadden of een soort consultant waren… in dit geval ‘werk’ waar uiteindelijk precies geen enkele echte baksteen uit kwam en dat als resultaat 0 waarde toevoegde.
WFC is nu een gebiedsontwikkelingsproject geworden. Waarom wordt het eigenlijk nog steeds WFC genoemd? De C komt er niet en in de ontwikkelingsplannen staat veel woningbouw gepland en slechts 1 voedselbos. Als de vraag aan u gesteld wordt welke food-bedrijven er zich nu bevinden op dit terrein dan zal menigeen deze vraag niet kunnen beantwoorden. Een diepere zoekslag brengt u naar een brochure van deelnemende bedrijven, maar of die nog actueel is?
Ook is daar betaald parkeren het motto, net als in de wijk ENKA. Om de bodemloze put minder diep te maken? Dit staat er op de site: World Food Center. Het voormalige kazerneterrein Maurits-Zuid is een terrein van 28 hectare. Het gebied ligt aan de rand van de Veluwe, naast station Ede-Wageningen. Hier ontwikkelen we het World Food Center (WFC). Op het WFC komt alles rondom duurzame en gezonde voeding samen. Het wordt een plek waar je kunt wonen, werken, leven en ontspannen.
Het WFC is een groot fiasco wat onnodig veel gemeenschapsgeld heeft gekost en wat voorkomen had kunnen worden. Deskundigen hebben hiervoor nog gewaarschuwd. Zie onderstaande video.
https://www.youtube.com/watch?v=_xw_3ZSkCKw
Het is tekenend dat de gemeenteraad geen actie onderneemt. Al jaren is/wordt er binnen de Edese gemeenschap kritisch gesproken over de grootse plannen met het WFC. “De toren van Babel” van Ede. Onze gekozen volksvertegenwoordigers geven onvoldoende koers aan dit soort trajecten, maar controleren en evalueren ook niet.