De uitbreiding van de rioolwaterzuivering aan de Dwarsweg in Ede was noodzakelijk. Zelfs de man die het nu verdwenen natuurpark ooit aanlegde, accepteert dat. Maar hoe verliep het democratisch toezicht op dit besluit eigenlijk?
Dit is deel 2 van een drieluik over de RWZI Ede
In deel 1 lieten satellietbeelden zien dat de ontmanteling van het Kees van Lohuizenpark al maanden eerder begon dan het waterschap in januari 2024 naar buiten bracht. Ondertussen werd een historisch betonnen gemaal op het terrein wél gered nadat erfgoedvereniging Bond Heemschut daar bij de gemeente voor pleitte.
In dit tweede deel: wat zeiden de bestuurders die de plannen moesten controleren, wat vindt de 93-jarige grondlegger van het park zelf, en hoe verging het bewoners aan de andere kant van het terrein een jaar later?
Het Kees van Lohuizenpark verdween zonder dat iemand er kritische vragen over stelde. Niet omdat er geen democratisch toezicht was – het waterschap heeft een rechtstreeks gekozen algemeen bestuur. Maar dat bestuur stelde nauwelijks vragen. De fractie die dat wel deed, wist dat een motie het toch niet zou halen. En de zetel die er speciaal voor de natuur zit, liet het lopen omdat het gebied te klein was.
Dit is het verhaal van wat er niet gebeurde.
Bestuurlijke controle vooraf
Het waterschap is het overheidsorgaan dat verantwoordelijk is voor het beheer van water in de regio – van dijken en sloten tot de zuivering van afvalwater. Het heeft een rechtstreeks gekozen algemeen bestuur, dat zowel het beleid als de hoogte van de waterschapsbelasting vaststelt.
Het algemeen bestuur is daarmee de plek waar het besluit over het natuurgebied op vragen had kunnen stuiten. Toch bleek er nauwelijks kritisch te zijn doorgevraagd toen het lot van het park op de bestuurstafel lag.
Astrid Meier, fractievoorzitter van Water Natuurlijk in het algemeen bestuur, erkent dat. Haar fractie was destijds de enige die er vragen over stelde. Meier vindt, terugkijkend, dat er in de bestuursvergadering niet scherp werd doorgevraagd. Er werd aangenomen dat de uitbreiding nodig was en zo werd ermee ingestemd.
Ook Kees Konings, die in het algemeen bestuur zit namens de geborgde zetel voor natuurterreinen, herinnert zich weinig concreets van een stevig debat. Hij geeft aan dat de aangesloten natuurorganisaties het stuk land destijds “te klein” vonden om actief bij hun achterban onder de aandacht te brengen. Ironisch genoeg is het precies de situatie waarvoor die zetel bedoeld is.
Wat is een geborgde zetel?
In het algemeen bestuur van een waterschap zijn een aantal zetels gereserveerd voor vertegenwoordigers van specifieke belangen: agrariërs, bedrijven, en natuur- en milieuorganisaties. Die geborgde zetels bestaan omdat deze belangen anders ondervertegenwoordigd zouden zijn in een gekozen bestuur. De zetel voor natuur en milieu wordt ingevuld door iemand die de aangesloten natuurorganisaties vertegenwoordigt.
Links het natuurgebied in oude glorie, rechts ontwerper Kees van Lohuizen. Beeld: Waterschap Vallei en Veluwe, Ede TV.
De visie van de grondlegger
Niemand heeft meer recht van spreken over het gebied dan Kees van Lohuizen (93), de oud-directeur van de RWZI die in 1995 persoonlijk de aanleg van het park initieerde. Na onze artikelen reageerde hij schriftelijk via zijn zoon Tom.
Van Lohuizen geeft aan dat hij al in 2023 door het waterschap is benaderd over het einde van het park. Bij de aanleg was al vastgelegd dat het om tijdelijke natuur ging, en de KNNV-afdeling Wageningen, die het gebied jarenlang inventariseerde, wist dat ook. Hij wijst er tevens op dat de kwaliteit van het gebied de laatste jaren al afnam door stikstofdepositie.
“Voor mij voldeed het tijdelijke van het KvL-park als een mooie en geslaagde ‘vakantie’,” schrijft hij. “Nu gaat het leven weer door en moet er worden gewerkt aan de vraag van de toekomst.” Hij plaatst de keuze van het waterschap in het perspectief van decennia aan schaalvergroting in de sector, waarbij steeds strengere milieueisen grotere, gecentraliseerde installaties noodzakelijk maken.
Wat hij niet relativeert, is de communicatie. Het waterschap had de naderende ontmanteling van het park tijdig en openlijk naar buiten kunnen brengen, in plaats van het in stilte te laten gebeuren terwijl het in de jaren daarvoor nog samen met de gemeente uitdroeg hoe bijzonder het gebied was.
Een herkenbaar patroon
In mei 2025 meldde buurtbewoner Claudia Elbertsen zich bij de redactie. Zij en haar buren wonen aan de Dwarsweg, recht tegenover het RWZI-terrein waar inmiddels verder wordt gebouwd. Wat zij beschrijft, klinkt herkenbaar.
Zonder voorafgaande aankondiging werd er gesnoeid en gekapt in het bos tegenover haar huis. Pas weken later, toen de sloop van een betonnen overloopbak haar woning liet trillen, kreeg ze na herhaalde meldingen uitleg van het waterschap.
Een nulmeting van eventuele schade aan de vooroorlogse woningen was vooraf niet uitgevoerd. De benodigde vergunningen bleken in die periode te zijn verleend, zonder dat de aanvraag online goed vindbaar was voor omwonenden. Op haar vraag wat er aan natuurcompensatie tegenover staat, werd gewezen op een insectenkastje bij de ingang.

De balans opgemaakt
De uitbreiding van de RWZI Ede was nodig. Daar valt, met alle stukken op tafel, weinig op af te dingen. De installaties waren verouderd, de milieuregels voor 2027 zijn streng en zelfs de grondlegger van het park aanvaardt de noodzaak. Uit de ontheffing en het ecologisch rapport dat de Edese Vos opvroeg, blijkt dat de uitvoering veel gedetailleerder en zorgvuldiger was dan het eerste beeld uit 2024 deed vermoeden.
Wat overeind blijft, is de weinig transparante wijze van communiceren. Een waterschap dat begin 2024 “geen besluit” meldt terwijl de voorbereidingen op het terrein al liepen. Een gemeente die meewerkt aan het behoud van een betonnen monument, maar niet reageert op vragen over het verdwijnen van bijzondere natuur. En een controlerend bestuur dat vooraf niet scherp heeft doorgevraagd. Zolang instanties pas openheid geven als de werkzaamheden al zijn gestart, blijft het wantrouwen bij omwonenden begrijpelijk.
In deel 3 gaat de Edese Vos in op de duurzaamheidswinst van de nieuwe installatie: van warmte uit rioolwater tot het gebruik van wc-papier om medicijnresten te filteren.








Schrijf een reactie
Iedereen is welkom om te reageren. We modereren wel op basis van onze reactieregels.